U is van deze jongen inmiddels wel gewend, dat ie alleen aan de bel trekt als er wat te mekkeren valt…
Betekent de lange stilte nu dat er even niks loos is met ons zorgenkind?
Ehh… het zorgenkind op vier wielen, bedoel ik, om misverstanden te voorkomen.

Welnu, “niets loos” is relatief…
Een rijdier van dit merk kan men beter ongemoeid voor de deur laten staan en slechts in het uiterste geval bestijgen. Ik heb namelijk met vallen en opstaan geleerd dat een plezierritje er domweg niet inzit. Want dat draait gegarandeerd uit op een bloederig drama met veel pijn in de kontzak.

Vandaag was het zover, het uiterste geval, want “meneer” moest naar de jaarlijkse keuring…
“Zit mijn ruitenwisser goed, zit mijn gevarendriehoekje goed, Volfje gaat op stap…!”

Tot de drempel van het keuringscentrum te Castro Verde ging het goed; toen begon het gezeik! Letterlijk!
Na een verplicht rondje “shake, rattle ‘n’ roll” reed de keurmeester onze Volf een stukje naar voren, naar waar de volgende proeve van bekwaamheid moest worden afgelegd…
Wat is dat!? Daar op de vloer!? Daar waar onze Volf net gestaan heeft!? Een plasje!? Heeft Volfje het bij de eerste de beste hindernis al in de broek gedaan!?

Een schreeuw uit de “pit” haalt me uit mijn dromerij. Of ik maar even de trap wil afdalen, teneinde met eigen ogen van onderen te constateren dat onze meest trouwe meeëter staat te druppelen als een incontinente bejaarde…
Toch niet te geloven, hè!? Nooit doet ie dat, en op het moment suprême…
Wablief?
Ik heb laatst al eens geroepen dat ie stinkt?
Ja, dat is waar! Maar dan denkt men er toch niet meteen aan, dat meneer met een stalen smoel in zijn broek staat te zeiken! Toch!?

Afijn, ik krijg een maand om het euvel te verhelpen. Dus… morgen staat deze jongen bij Bertus Steeksleutel in Mértola. Want, zó durf ik met goed fatsoen geen volle parkeerplaats meer op! Op zichzelf zit ik er niet zo mee dat het eerste wat een zichzelf respecterende Portugees doet zodra ie uit z’n auto stapt, is… een sigaret opsteken. Welnee! Maar… ehhh, ik zit er wél mee dat het laatste wat ie doet voordat ie weer in zijn rijtuig stapt, is… zijn brandende peuk een eind wegschoppen!

Gloeiende, gloeiende…!!
Hoe vaak heb ik niet op een volle parkeerplaats tegen de liefde van mijn leven gezegd: “Blijf jij maar even in de auto zitten, schat! Ik ben in twee minuten terug!”
Ik moet er toch even niet aan denken, wat er had kunnen…