Een moderne Gym behoort eigenlijk uit drie delen te bestaan…

In het eerste vertrek – vanwege de hoge luchtvochtigheidsgraad ook wel “het aquarium” genoemd – mogen de feuten, die in het goeddeels gephotoshopte slankheidsideaal in de bladen onlangs hun Heilige Graal ontdekt hebben, hun aerobic training afwerken op het stimulerende ritme van opzwepende muziek.
Het aangrenzende vertrek vormt de “gesloten inrichting”, waar complete chaos heerst en waar brallerige lawaaipapegaaien met wijd uitstaande ellebogen luidruchtig met hun kunstveren lopen te pronken, af en toe struikelend over rondslingerend materieel.
Dat het wel degelijk “kunstveren” zijn, is te zien aan de verhoudingsgewijs vaak (te) kleine, poezelige handjes die zelfs een leek nog doen begrijpen dat de aanpalende spiermassa langs de gemakkelijke(!) (snel)weg van kunstmatige inseminatie verkregen is.

Ten slotte betreedt men het – geluiddicht van de voorgaande twee vertrekken afgeschotte – sanctum sanctorum
Naar analogie van een bibliotheek, waar boeken de geest voeden en waar op fluistertoon alleen het hoognodige gezegd wordt, wordt de irenische stilte in een… ehhh, siderotheek slechts verbroken door het getingeltangel van ijzer dat aan halters geregen wordt; de luttele woorden die er op gemoedelijke toon gesproken worden, ontmoeten er welwillende oren. In één oogopslag begrijpt men: Hier wordt gewerkt! In een serieuze, doch ontspannen sfeer bouwt elk er voort aan zijn individuele tempel