Op de weg Mértola – Beja namen we gisteren de afslag naar Castro Verde; Volf was toe aan zijn jaarlijkse APK.
Zegt die gek opeens – de boordcomputer, meen ik – dat “a lampada da pisca-pisca esquerda está fundida”. Ofwel, de linker richtingaanwijzer was kapot…

Ik wíst ‘t!
‘t Was ook te mooi om waar te zijn, dat er na zijn beurtje vorige week niets meer aan de hand leek! Kortom, Volf dóet ‘t er gewoon om!
Heeft ‘t zin om door te rijden? Gaat ie op zoiets afgekeurd worden…
Wat zegt u? Lampje verwisselen?
Nee, dat heeft niet zoveel zin! Het lampje is namelijk niet werkelijk kapot. Volf heeft vaker van die kuren; en dan even later doet alles ‘t weer.
Weet je wat? Ik wáág ‘t er maar op…

Ik draai het terrein van de APK-meesters op en… alles doet ‘t weer; Volf mag weer een vol jaar aan de zuip van de dokter!

Ik ben het terrein nog niet af en de richtingaanwijzer geeft subiet de pijp aan Maarten; een achterlicht doet ‘t ook niet meer volgens de boordcomputer, er stijgt een hels gepiep op uit het vooronder (ventilator?) en het motormanagementlampje floept weer ‘s aan.
En dat blíjft ook zo de rest van de dag, wijl de lange lijdensweg onder de net nieuwe bandjes doorzoeft…
Hè?
Ja, ik weet ‘t, negeren is ‘t devies!